Ik hou van jou

“Ik hou van jou”. Hoe vaak zeggen we dat niet tegen onze geliefde? Tegen onze ouders? Broers? Zussen? Vriendinnen en vrienden? Kinderen? Ik zeg het heel regelmatig. En tegen Jeroen heb ik het heel, heel, heel vaak gezegd. Ik wil dat de mensen die me dierbaar zijn, weten dat ik van ze hou.

Maar wat is houden van? Dat is de vraag die mij sinds een maand of wat bezig houdt. Omdat ik ben gaan twijfelen aan mijn houden van. Of laat ik het anders zeggen: naast mijn ouders, houd ik niet onvoorwaardelijk van iemand. En als je niet onvoorwaardelijk van iemand houdt, is het houden van dan wel écht? Kijkend naar mezelf moet ik daarop het antwoord “nee”geven.

Je kunt je voorstellen: dat voelt hard. En confronterend. Ben ik in staat om onvoorwaardelijk van iemand te houden buiten mijn ouders om? Vooralsnog moet ik die vraag beantwoorden met een nee. Pijnlijk? Ja. Maar voor mij voelt onvoorwaardelijke liefde (nu nog) als een utopie. Mijn idee van onvoorwaardelijke liefde is dat je dan Boeddha moet zijn. Verlicht.

We houden van iemand omdat hij of zij eigenschappen heeft die we en/of zelf hebben en/of zelf missen en de ander aanvult. In de fase van verliefdheid, zijn we de eerste periode blind, zien we de ander zijn of haar onvolkomenheden niet. Je vindt alles aan de ander geweldig en er bestaat niemand anders op de wereld met wie je samen wilt zijn, samen verder wilt gaan. Dat voelt voor mij als de fase van onvoorwaardelijkheid. Nog niet het houden van. Maar in de verliefdheid: “onvoorwaardelijk” verliefd zijn. Want hij of zij ís voor jou op dat moment de mooiste man of vrouw op aarde. Niks nieuws daar.

Naarmate de tijd verstrijkt, begint langzaam die roze bril af te gaan. Die wordt wat meer doorzichtig. En de onhebbelijkheden van de ander komen aan de oppervlakte. Langzaam aan beginnen de scheurtjes te komen. Je kunt gaan accepteren of gaan irriteren. Of een compromis sluiten. Wat uiteraard niet altijd lukt. En dan kom je weer bij: accepteren of irriteren. Of weg gaan, als het in jouw basis dusdanig belangrijk is.

Wat betekent onvoorwaardelijke liefde? Daar ben ik niet over uit, of beter gezegd: ik snap er geen reet van, heb totaal geen clue. Betekent het dat wanneer je man je slaat, je toch van hem blijft houden? Of dat wanneer je regelmatig ruzie hebt over 1 en hetzelfde onderwerp en geen van beide partijen water bij de wijn wilt doen en de spanning blijft, je toch van de ander blijft houden? Of dat wanneer je man of vrouw vreemdgaat, je nog steeds onvoorwaardelijk van hem of haar houdt? Of wanneer je man of vrouw je kinderen slaat, je nog steeds onvoorwaardelijk van hem of haar houdt? En dus: waar hóud je precies van? Van wíe? Of van wát in de ander?

Mijn gevoel bij onvoorwaardelijke liefde is dat je alles “goedkeurt” van de ander, ongeacht wat hij of zij doet of flikt. Maar dat KAN niet waar zijn. Ik WEET dat dat niet waar is. Maar wat is het dan wel?

Een vriendin van mij vertelde een paar weken geleden dat haar man haar altijd een 8 vindt. Ongeacht hoe goed of hoe slecht het tussen hen gaat, zij is voor hem altijd een 8. Zij daarentegen vindt haar man een 3 of 1 bij een (fikse) ruzie en een 8, 9 of 10 wanneer het (heel) goed gaat. Ik ben mijn vriendin.

Mijn houden van hangt af van de mate waarin mijn behoefte en gevoel tegemoet wordt gekomen. Feitelijk: hoe meer iemand in mijn straatje leeft en denkt, hoe meer ik van iemand houd. Hoe krom is dat? Maar het lijkt wel dat het zo werkt.  Bij mij i.i.g. Herkenbaar? Ik kan mezelf afkeuren dat ik dat zo ervaar, maar dat doe ik niet. Ik probeer te observeren dat dat gevoel in me leeft en probeer daar geen oordeel aan te hangen. Dat doe ik sinds kort. Ik probeer dingen in mezelf te onderzoeken en loopt de laatste paar weken tegen steeds meer dingen aan in mezelf waar ik niet blij van word. Waar ik mijn patronen zie, manipulatie, dissociatie en versmelting -> op dit moment lees ik het boek van Jan Geurtz: Verslaafd aan liefde.

Het boek gaat over liefde en lijden, maar veel meer nog over datgene in ons wat liefheeft en pijn lijdt, namelijk onze geest. Een voor mij mega intrigerend en raak boek. Wat me tot nu toe, ik ben bij blz 110, al een behoorlijk aantal “aha-erlebnissen” heeft opgeleverd.  En tranen. Van herkenning en “kutje, waar ben ik mee bezig?”. Een boek dat me vreselijk in de war heeft gemaakt, voor zover ik dat niet al was door alles wat er na het overlijden van Jeroen is gebeurd (daarover in één van mijn volgende blogs meer). Een boek waarmee de kijk op mezelf stukje bij beetje verandert. Het heeft me door elkaar geschud, een gevoel dat ik mezelf aan het afbreken ben en gaandeweg weer moet opbouwen. Die aanzet tot móeten (en wíllen) veranderen is in gang gezet na een doorbraak bij mijn psychologe, nu zo’n 3 weken geleden. Het boek van Geurtz borduurt verder op mijn doorbraak. Zware kost? JA, definately. Maar het proces is prachtig en de uitkomst kan alleen maar in mijn voordeel zijn: mezelf (terug) vinden. Ik heb nog 40 jaar te gaan (yes please!), dus het profijt is langdurig.

Geurtz wijdt een deel van een hoofdstuk aan het fenomeen waarom we de ene persoon wel aardig vinden en de andere niet. Waar ligt dat aan? Omdat sommige personen nou eenmaal leuker zijn dan andere, denken we meestal. Maar is het niet vreemd dat personen die jij niet aardig vindt, door andere mensen wel aardig gevonden worden? En dat jij door sommige mensen aardig gevonden wordt en door anderen niet. Hier klopt iets niet. Want als “aardig” of “onaardig” eigenschappen waren van de personen zelf, dan zouden er dus in absolute zin aardige en onaardige mensen moeten zijn en dan zouden alleen de aardige mensen door iedereen aardig gevonden worden, terwijl de onaardige door niemand aardig gevonden zouden worden. Onze waardering van anderen is grotendeels gebaseerd op projectie van onze eigen gevoelens.

Kijk naar jezelf: waarom ben je met de partner met wie je bent? Welke eigenschappen heeft hij of zij waardoor je het gevoel hebt dat hij of zij bij jou hoort? Ei-gen-schap-pen. Maar het moet meer zijn dan eigenschappen om van iemand onvoorwaardelijk te kunnen houden. Het moet een diep gevoel van verbondenheid zijn op een dieper niveau. Op ziels-niveau. En daar kun je geen naam aan geven. En daar zou dan dat onvoorwaardelijk-houden-van moeten zitten. Zoiets?

En dus: mijn zoektocht is gaande, duurt voort, en dat zal een leven lang zijn. Hopelijk niet elke keer naar het zelfde onderwerp, want her en der een oplossing vinden voor waar ik tegen aan loop, zou toch fijn zijn ;-), maar zoekende in alles wat er op mijn weg komt.

“Alles is zoals het is”

De herberg – Jalaluddin Rumi, Perzische dichter (1207-1273)

De mens-zijn is een soort herberg:
Elke ochtend weer bezoek.

Een vreugde, een depressie, een benauwdheid,
een flits van inzicht komt
als een onverwachte gast.

Verwelkom ze; ontvang ze allemaal gastvrij!
Zelfs als er een menigte verdriet binnenstormt
die met geweld je hele huisraad kort en klein slaat.

Behandel dan toch elke gast met eerbied.
Misschien komt hij de boel ontruimen
om plaats te maken voor extase…

De donkere geachte, schaamte, het venijn,
ontmoet ze bij de voordeur met een brede grijns
en vraag ze om erbij te komen zitten.

Wees blij met iedereen die langskomt.
De hemel heeft ze stuk voor stuk gestuurd
om jou als raadgever te dienen.

Ik zeg: GO  RUMI, GO RUMI, GO RUMI! 🙂

Zo dus.

Afbeelding

Advertenties

6 thoughts on “Ik hou van jou

  1. er bestaan veel soorten liefdes in os leven. maar we stellen allemaal voorwaardes aan deze liefdes. gevoed door wat we denken dat moet. geindoctrineerd door de samenleving. zoek de ruimte in je gevoel en geef de ander lucht

Laat een reactie achter op candlelight74 Reactie annuleren

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s